De Benschopper Boezem
Plas-dras, een reservaat aantrekkelijk maken voor watervogels,
steltlopers en plevieren


Er zijn verschillende mogelijkheden om een gebied aantrekkelijk(er) te maken voor vogels. Het tijdelijk of permanent onder water zetten van een stuk grasland zal ongetwijfeld leiden tot een toename van vogels. Een mooi schoolvoorbeeld waar vernatting van een stuk grasland tot gevolg had dat er veel vogels op af kwamen is de Benschopper Boezem, een reservaat van Staatsbosbeheer in de Lopikerwaard in de polder Boven Haastrecht. Direct ten zuiden van Hekendorp, een dorpje grenzend aan de Hollandse Yssel.

Dit reservaat, ca. 40 hectare groot, bestaat uit graslanden. De Benschopper Boezem heeft tussen de 15e en laat 19e eeuw een belangrijke rol gespeeld in de waterhuishouding van een groot deel van de Lopikerwaard.  Zo'n 25 jaar zijn deze graslanden nu in eigendom en beheer bij Staatsbosbeheer. In de zeventiger jaren van de 20e eeuw  is een deel van de zuidkant van deze voormalige Boezem beplant met loofbos. Juist het kenmerk van deze hoek van de Lopikerwaard is altijd geweest de uitgestrekte openheid van het graslandlandschap. Na aankoop van de gronden is de eerste herstelmaatregel geweest het verwijderen van het loofbos om zodoende het landschappelijk kenmerk met de nog ongerepte weidsheid weer terug te krijgen.


Linksboven bij het woord Houtkaden op de kaart westelijk van Oudewater zuidelijkvan Hekendorp ligt de Benschopper Boezem.


Aanleg plasdras

Plasdras op de Benschopper Boezem. Foto: 3 maart 2003.

Hoewel overwogen, was het vanuit cultuurhistorisch oogpunt weer herstellen van het oude boezemsysteem met de herbouw van standerdmolens niet realiseerbaar.  Maar er is wel een goed alternatief gevonden in de vorm van het vernatten van de meest zuidelijk gelegen punt van het objectdeel met als doel de vogelkundige waarden (ook die in de directe agrarische omgeving) een positieve duw in de rug te geven. Om vernatting het jaarrond te kunnen realiseren zijn in 1999 en 2000 delen van percelen afgegraven, in diepte sterk variërend aangelegd om zodoende veel micro-reliëf plekken met nat-vochtig-droog-vochtig-nat aan te brengen. Er is een kleine 7000 mtr2 grond afgevoerd, een niet onaanzienlijke hoeveelheid. Tegelijkertijd is een nieuw inlaatsysteem gemaakt waardoor er op elk gewenst moment water kan worden ingelaten of afgevoerd vanuit de aangrenzende Benschopper Molenvliet.


Plasdras op de Benschopper Boezem. Foto: 30 oktober 2006. Hier en daar verschijnt al pitrus.


Grote delen van het moeras zijn inmiddels weer begroeid waarin pitrus de dominante soort vormt. Ook hier en daar verschijnt wilgopslag. Foto: 24 oktober 2017.


Na de vernatting: De Benschopper Boezem als gruttoverzamelplaats

Het gedeeltelijk afgraven van verschillende graslandpercelen en het plasdras zetten oefende vanaf het eerste moment een grote aantrekkingskracht uit op allerlei soorten vogels. Dat het terrein ook een functie zou krijgen als slaap- en rustplaats voor grutto’s kon eigenlijk niet uitblijven. Voor en na de broedperiode kwamen er  grote aantallen grutto's  slapen, meestal ging het om tussen de  1000 tot 2500 vogels met een uitschieter van bijna 5000 exemplaren op 11 juni 2002.  Helaas heeft de functie als gruttoverzamelplaats geen stand gehouden. Er verblijven thans (voorjaar 2017) alleen nog maar kleine aantallen grutto's in een deel wat nog enigszins plasdras staat met weinig vegetatie. Deels heeft dit te maken met de enorme afname de laatste jaren van de broedpopulatie van de grutto in Nederland. Anderzijds omdat er in de omgeving nieuwe meer geschikte gruttoverzamelplaatsen zijn ontstaan zoals de polder Stein bij Reeuwijk en de Hooge Boezem bij Haastrecht. In het voorjaar van 2018 en 2019 bleven grutto's helemaal weg. Wel verbleven er aangrenzend in het polderdeel Hoonaard langs een nieuw gegraven veenput grutto's. Het ging om tientallen exemplaren.


11 Juni 2002. Een absolute topavond v.w.b. de aantallen grutto's die kwamen slapen. 


Grutto's uitrustend op de slaapplaats Benschopper Boezem


Woerd van de wintertaling. In de winterperiode aanwezig met tientallen. 

Fourageer- en rustgebied voor andere vogelsoorten
Maar het vernattingblok heeft naast de grutto’s veel meer te bieden aan vogels. Ook lepelaars, scholeksters, kemphanen, watersnippen, kieviten, regenwulpen, wulpen en gele kwikstaarten om maar een paar soorten te noemen gebruiken het vernattingblok in bepaalde perioden als slaapplaats dan wel als voedselgebied. De aantallen zijn weliswaar wat beperkter dan de grutto's en kunnen per soort varieeren van enkele exemplaren tot tientallen of enkele honderden exemplaren. Diverse soorten  plevieren, steltlopers, ganzen en  eendachtigen komen op trek rusten en foerageren in het vernattingblok. Verder ook weidevogels vanuit de directe omgeving die met hun jongen naar de plasdrasplaats komen.  In de winterperiode verblijven er regelmatig vele honderden  smienten en tientallen wintertalingen.


Groenpootruiter

Zwarte ruiter in zomerkleed


Wulp. Net na de aanleg van de plasdras sliepen er vele tientallen exemplaren. Nu niet meer.

Slobeend woerd in eclipskleed. In het najaar liggen er soms tientallen exemplaren op het gedeelte van open water. 


Beheer van een plasdras
Plasdrasbeheer is een kwestie van fingerspitzengefühl en zal alleen maar duurzame resultaten geven als er goed mee wordt omgegaan.  Zoals tussentijds water toevoegen of aflaten op de momenten dat het noodzakelijk is. Ook  is het belangrijk om het beheer zo uit te voeren dat de vegetatie zich niet te veel uitbreidt richting moerasvegetaties. Het handhaven van de openheid, wat vogels erg op prijs stellen, is te bereiken door te spelen met de waterstand in combinatie met begrazing door vee, af en toe ruigten maaien, dan wel door oeverstroken opnieuw kaal te maken. Het heeft op de Benschopper Boezem een paar jaar goed gewerkt. Maar inmiddels zijn grote delen van het gebied toch dicht gegroeid met pitrus waardoor de betekenis voor vogels  als rust- en voedselgebied sterk is afgenomen.


Overzicht op het moeras in de Benschopper Boezem. Een groot deel (op twee wat diepere plassen na) is inmiddels weer begroeid met moerasvegetatie waarbij pitrus de dominante plantensoort is. Foto: 24 oktober 2017.


Foto gemaakt vanaf het zuidpuntje van het moeras. Het geeft een goed beeld hoeveel vegetatieontwikkeling er nu weer is.
Foto: 24 oktober 2017.