Polder Oukoop en de weidevogelontwikkeling

Vogelkundige ontwikkelingen polder Oukoop-Negenviertel

Tot aan de zeventiger jaren van de vorige eeuw was polder Oukoop een zeer goed weidevogelgebied net als de polder Langeweide die aan de oostkant van de Enkele Wiericke ligt. Vooral eendachtigen als zomertaling en slobeend waren vrij algemene broedvogel, zo ook veldleeuwerik en graspieper. Grutto's broedden er nog in kolonievorm van vele tientallen paren. De kievit en tureluur waren toen echter minder algemeen dan nu het geval is. De weidevogeltrend in Oukoop is samengaand met de landelijke weidevogelontwikkelingen niet positief geweest. Toch is het niet allemaal kommer en kwel. Er broeden nog steeds flinke aantallen weidevogels in de polder m.u.v. het deel noordelijk van het fietspad. Wel concentreren de weidevogels zich min of meer in drie deelgebiedjes.

Natuurboerderij de Goeij

Melkveehouders Ardy en Ivanka de Goeij bouwden een vrijloopstal voor 200 koeien voor hun natuurboerderij in polder Oukoop in Reeuwijk. Het bedrijf ligt midden in een Natura 2000-gebied. 'We hebben van ons melkveehouderijbedrijf een natuurboerderij gemaakt, om veeteelt en natuurbeheer te combineren', zegt Ardy de Goeij. 'Daar hoort ruige mest voor weidevogelbeheer bij.' De Provincie Zuid-Holland alsmede Staatsbosbeheer zien de natuurboerderij als de ideale oplossing voor natuurbestendige landbouw in het gebied.


Weidevogels voorjaar 2019

Polder Oukoop perceel aangrenzend noordelijk van het veenputtencomplex. Delen zijn roze gekleurd van de ingezaaide echte koekoeksbloem. Foto: 6 mei 2019

Polder Oukoop

Er was voor het voorjaar 2019 geen onderzoek voor Oukoop gepland omdat de broedvogelkartering van 2018 voldoende inzicht  gaf over de weidevogelstand over een reeks van jaren. Toch zijn er in 2019 enkele bezoeken gebracht om een globaal beeld te krijgen over de weidevogelontwikkeling. Op 30 maart 2019 is een rondje Oukoop gemaakt speciaal gericht op de weidevogels. In het blok Negenviertel waren 3/4 paar grutto's  aanwezig in het perceel Janssen en een alarmerende kievit. In het blok Stoppelenburg waren 3 gruttoparen aanwezig (geen kieviten) en in het blok noordelijk van de polder Oukoop tot aan het fietspad werden ook een 4-tal paren grutto's geteld en werden 4 kieviten op het nest gezien.


11 April 2019 is in de polder Oukoop nog een telronde gemaakt om een indruk te krijgen over de weidevogels. Er is alleen gericht gekeken naar de broedterritoria van kievit, grutto, tureluur en scholekster.

Blok Negenviertel

In het blok Negenviertel werden geteld 5 - 6 paar grutto's, waarvan 3 - 4 paar in het perceel Janssen en 2 paar in percelen westelijk daarvan. Verder 1 paar tureluur, 1 paar scholekster en een onduidelijke kievit (0-1 paar). T.o.v. 2018 zijn de grutto's toegenomen van 2 paar naar 5-6 paar. In 2018 was het een geslaagd gruttobroedsucces. Het laat zien aan hoe belangrijk dit perceel is als broedgebied.

Blok Stoppelenburg

In het blok Stoppelenburg 4-5 paar grutto, 2 paar tureluur, 3 paar kievit en 2 paar scholekster. Daarvan zaten 2 paar kievit in grasland zuidelijk van Geukes en ook daar 1 paar tureluur.

Noordelijk puttencomplex

Noordelijk van het veenputtencomplex werden geteld 8 -10 paar kievit (3 op nest), 3 -4 paar grutto (1 op nest), 5 paar scholekster en 3 paar tureluur. Een perceel is belangrijk voor weidevogels. Op dit perceel werden geteld 4-5 paar kievit, 1 paar grutto, 1 paar scholekster en 1 paar tureluur. Vroeger was het achterste deel van dit perceel tegen de Prinsendijk aan ook belangrijk voor weidevogels maar door het aanbrengen van een dikke modderlaag gingen de weidevogels (met name grutto's) dit grasland mijden en zijn naar percelen in de polder Langeweide verkast.


Perceel van Geukes met de veenput. Flink begroeid met koolzaad en fluitenkruid. Foto: 6 mei2019

6 mei 2019 nogmaals een bezoek gebracht aan Oukoop. Alleen het deel zuidelijk van het veenputtencomplex op weidevogels geteld. In het blok Stoppelenburg werden 3 paar grutto's geteld waarvan twee paar alarmerend op overvliegende zwarte kraaien. Zuidelijk van Geukes op huiskavels van de Goeij die beweid waren geweest 2 kieviten en 1 tureluur. De twee percelen van Geukes raken steeds meer begroeid met koolzaad en fluitenkruid en dreigen daarmee hun aantrekkelijkheid voor weidevogels te verliezen.

In het blok Negenviertel minimaal 4 paar grutto. Drie grutto's foerageerden op beweide percelen westelijk van het hooilandperceel. Hier ook een tureluur aanwezig en een paartje scholeksters.


16 mei 2019 nogmaals het deel zuidelijk van het veenputtencomplex bezocht ter controle van de gruttoparen en een eventueel broedsucces. Alle percelen In het blok Negenviertel waren al twee keer beweid met melkkoeien. Het brede hooiland voormalig van Janssen was ongemaaid. Drie grutto's liepen verspreid te fourageren en waken op een beweid perceel westelijk gelegen van het hooiland, een duidelijk bewijs dat hier zich nog steeds 3 paartjes grutto al dan niet met kuikens bevonden. In het blok Stoppelenburg waren de drie belangrijkste  percelen waar grutto's plegen te broeden nog niet gemaaid. Noordelijk van deze percelen waren inmiddels al wel 3 percelen gemaaid en afgeruimd. Op palen en hekken bij de ongemaaide percelen zaten 3 wakende grutto's.


Beweide percelen functioneren prima als kuikenland

23 mei 2019 viel op dat in het blok huiskavelgrasland tussen de boerderij en de Twaalfmorgen verschillende weidevogels alarmeerden. Het ging om twee paar grutto's, twee paar tureluurs, een paar scholekster  en een paar kievit. Dit blok grasland was eerder al beweid geweest met het melkvee en de vegetatie was alweer aan het opgroeien. Vooral het perceel direct langs de Twaalfmorgen was in trek want hier liepen twee paar grutto's en een paar tureluur met een of meer kuiken. De vegetatie op dit perceel was wisselend van hoogte en delen waren flink begroeid met kruipende boterbloem en geknikte vossestaart. Twee gruttokuikens van ca. 14 dagen oud waren druk op zoek naar insecten. Regelmatig was te zien dat er insecten werden opgepikt. Een paartje tureluur alarmeerde hier ook maar daar werden geen kuikens van gezien. Geconcludeerd kan worden dat dit blok prima functioneert als kuikenland. De aanwezige weidevogels waren  met hun kuikens vanuit  broedpercelen in Oukoop dan wel Stein Noord naar dit blok  gekomen.
14 juni 2019 alarmeerden er in het genoemde huiskavelblok zelfs 3-4 paartjes grutto en een paartje tureluur.
Ook nu was de vegetatie afwisselend van laag naar wat hoger waardoor de kuikens goede schuilgelegenheid hadden bij gevaar.

Gruttokuiken tussen een vegetatie van  kruipende boterbloemen/geknikte vossestaart druk op zoek naar insecten.
Polder Stein/Kort Roggebroek. Foto: 23 mei 2019.


Weidevogels bij M. van der Hoeven polder Langeweide voorjaar 2019

Nestvondsten

In een gesprek met Martin van der Hoeven op 30 april 2019 vertelde hij mij over de   aantallen gevonden nesten op zijn land. Dat waren tot die datum: 10 gruttonesten, 6 tureluurnesten, 6 kievitsnesten, 1 scholeksternest en 3-4 nesten van slobeend. Er is vooral gezocht met gebruikmaking van de tractor, waarbij de weidevogels die gewend zijn aan het rijden in het land lang op het nest blijven zitten waardoor makkelijk traceerbaar. Eind april was de grasgroei zo hoog dat er is gestopt met zoeken naar nesten.

Paartje krakeenden.

Territoriumkartering weidevogels

Op de particuliere graslandpercelen van Gert van der Hoeven in de polder Langeweide waar aktieve weidevogelbescherming plaats vindt werden op 30 maart 2019 geteld 6 paar kievit (4 nest), 5-6 paar grutto's (1 op het nest) en 2 paar tureluurs. Een perceel is om het aantrekkelijker te maken voor weidevogels gedeeltelijk plas gezet via het plaatsen van zonnepanelen. Geplaatst op eigen initiatief zonder gebruikmaking van subsidie. Gewoon om iets voor de weidevogels te doen. Pracht initiatief.

28 april 2019 opnieuw een telling uitgevoerd. Het gras was al flink op hoogte waardoor de weidevogels  minder goed opvielen. Er werden 3 paar kievit geteld, maar omdat diverse paren al kuikens moesten hebben, nesten wellicht verloren waren gegaan, en w.s. ook kievitouders met de kuikens vertrokken waren naar huiskavels was dit aantal aan de (te) lage kant. Van de grutto werden tenminste 6-7 paar geteld en van tureluur minimaal 2-4 paar(ze waren erg heen en weer vliegerig tussen Oukoop en Langeweide). Scholeksters 2 paar waarvan een op het nest in een veldkavel en een andere scholekster alarmeerde op een zwarte kraai in een huiskavel. Ook een nest van knobbelzwaan in de oever van een huiskavel. 

Verder werden in sloten op de veldkavels 4 losse slobeendwoerden geteld en twee paartjes. Krakeenden verbleven er nogal wat. 6-7 paar, die zaten vrijwel zeker nog maar in de beginfase van nestelen. W.s. waren de vrouwtjes nog aan de leg waardoor ze nog als paren werden gezien. Ook nog een paar kuifeend en verschillende paartjes wilde eend en een wilde eend met kuikens.

Zonnepanelen zijn geplaatst op een van de percelen van Martin van der Hoeven. Greppels worden volgepompt met slootwater zodat plasdras ontstaat hetgeen aantrekkelijk is voor de weidevogels. Foto: april 2019.


Weidevogels in polder Oukoop in 2013 en 2015

In 2013 zijn door Mayenburg de weidevogels (en andere broedvogels) gekarteerd in de polder Oukoop zuidelijk van het fietspad. Er bleken drie concentratiegebiedjes te zijn waar vrijwel alle broedterritoria van weidevogels aanwezig waren. Het betrof een paar percelen tegen het fietspad aan (voormalige gronden van Van der Bund), een paar percelen zuidelijk van het veenputtencomplex (voormalige eigenaar Stoppelenburg) en een perceel in het deel Negenviertel (voormalige eigenaar Janssen). Vrijwel alle weidevogels concentreerden zich in de genoemde drie blokjes. In het andere deel van de polder Oukoop (voormalige eigenaren van Vliet, Vergunst en van Eijk) werden vrijwel geen weidevogels aangetroffen. Het beheer werd in 2013 en 2015 uitgevoerd door het agrarisch bedrijf de Natuurhoeve van Ardy de Goey.
In 2015 is opnieuw gekarteerd. Vrijwel alle weidevogels werden ook toen aangetroffen in de drie blokjes. Maar in het blok tegen het fietspad was wel het een en ander veranderd. In een hooilandperceel waar vrijwel alle grutto's broedden was een dikke laag bagger gebracht i.h.k. van verdiepen van sloten. Dit had wel tot gevolg dat grutto's dit perceel gingen mijden. Ook de kievit broedde er t.o.v. 2013 minder. Genoemde soorten verspreidden zich meer. Verschillende gruttoparen nestelden zelfs op percelen meer zuidelijk waar in 2013 geen weidevogels broedden.


Weidevogel 2013 2015 2018
Grutto 26-30 21-25 18-20
Kievit 21-28 29-32 20-22
Tureluur 7-9 10-12 8-10
Scholekster 10-12 11-12 6-7
Kleine plevier 0 1-2 0-1
Slobeend 8-10 12-15 7-9
Zomertaling 0-1 1-2 1
Krakeend 17-20 10-12 16-19
Wintertaling 0-1 0-1 0
Kuifeend 1-2 2-4 6-8
Bergeend 2-3 2-4 3-5
Smient 0-1 0 0
Watersnip 0 0 0

Broedvogelkartering 2018

Lees het onderstaande uitvoerige rapport wat U kunt downloaden

Polder Oukoop is ook in dat voorjaar op de broedvogels (met een accent op weidevogels) gekarteerd. De Provincie Zuid-Holland heeft de polder aangewezen als PILOT gebied waar de natuurontwikkelingen op de voet gevolgd zullen gaan worden. Daar hoort dus ook het volgen van de vogelwereld bij.

Reeuwijk polder Oukoop Broedvogelkartering 2013-2015-2018
Word – 3.3 MB 49 downloads

Overzichtsfoto's polder Oukoop op 6 maart 2018 

1e telronde 6 april 2018 Ochtendtelling 8.30 – 13.50

De eerste lenteachtige dag die begon met weinig wind die in de loop van de ochtend wat verder opstak. Geteld is vanaf de Prinsendijk en de Oukoopse Dijk met gebruikmaking van verrekijker en telescoop. De polder lag er nog erg kaal bij door de begrazing van duizenden winterganzen de afgelopen winter, en ook de in het najaar ingezaaide perceeldelen waren nog nauwelijks begroeid. Dat had wel als voordeel dat broedende kieviten goed op het nest te zien waren en ook al een grutto, die zeer opvallend op zijn nest zat op een in het najaar ingezaaid stuk grasland. Wat verder opviel was het grote aantal slobeenden, wintertalingen en tureluurs. Voor tureluur was duidelijk te merken dat bij een aantal nog geen directe terreinbinding was, maar dat het om vogels ging op trek die gebruik maakten van de vele slikkige oevers om voedsel te zoeken. Grutto’s waren wel aanwezig in het broedbiotoop, maar behalve het ene exemplaar op een nest ging het om paren en soms om enkelingen die wel druk waren hun broedterritorium af te bakenen, voedsel te zoeken en baltsvluchten te maken. Opvallend overigens: op 6 april waren in de Negenviertel geen grutto’s aanwezig. Maar wel op 14 april. Toen waren twee paar aanwezig druk foeragerend en territoriumbinding. Verder maar weinig (zomer)brandganzen aanwezig in de polder en goed te merken aan het grote aantal grauwe ganzen zonder kuikens dat de prikactie in de polder goed werkt. Er werden maar drie paren met kuikens geteld. Aan leuke soorten werd nog gezien: boerenzwaluw 6x, zingende rietzanger1x, cetti’s zanger roepend 1x langs spoorlijn Negenviertel, tapuit 2x, witgatje 1x en voedselzoekende regenwulpen 2x.
 


2e telronde 16/17april 2018 Ochtendtelling 7.00 – 13.30

Wat vooral opviel bij de 2e telronde was dat er t.o.v. de 1e telronde veel minder slobeenden, wintertalingen en tureluurs werden geteld. W.s. ging het op de 1e telronde van 6 april voor  een deel om trekvogels. De grutto's waren nu goed aan het broedseizoen begonnen, Er werden diverse vrouwtjes op het nest gezien zoals onderstaande foto's bewijzen. De mannen wakend in de buurt. Van de 11-12 broedterritoria in het polderdeel tussen de Put van Kruijt en het fietspad werden maar liefst een 7-tal grutto's op het nest gezien op de in het najaar opgehoogde en ingezaaide perceeldelen. Die waren nog erg kaal zodat je de broedende vogels heel goed op het nest zag zitten. Ook hier diverse kieviten op het nest. Wat verder ook opviel was dat er vrijwel geen steltlopers/plevieren op de slikrandjes van de uitgegraven delen werden gezien terwijl de trek voor deze soorten toch aanstaande is. Blijkbaar biedt de pure veenbodem toch maar weinig voedsel maar wellicht geeft de 3e telronde begin mei een ander beeld. Aan leuke soorten werd nog gezien: zomertaling 1 paar, gele kwikstaart 1x overvliegend, zingende rietzangers 3x langs de Prinsendijk, rietgors 2x langs de Prinsendijk, holenduif 7x waarvan 2 broedpaar.


Extra tussentelronde 27 april 2018 Ochtendtelling 7.00 - 10.45

Een extra telronde ingelast. Deze keer zonder het vervaardigen van een stippenkaart maar via de turfmethode. Wat opviel was dat het gras op de regelmatig bemeste percelen al aardig gegroeid was (de percelen zuidelijk van Putcomplex Kruijt).  Op de percelen noordelijk van de Put van Kruijt echter nog nauwelijks grasgroei. Er werden voor de hele polder 11 grauwe ganzenparen geteld met kuikens, 5 slobeend paren en 6 losse woerden, 13 paar krakeend, 7 paar kuifeend, 1 paar smient en wintertaling 1 paar en 1 losse woerd. Zomertaling 1 losse woerd. Ook nog 3 paar bergeend + 1 exemplaar. Verder in Oukoop 1 baltsende kleine plevier, 8 losse tureluurs en 2 paar. Verder nog 8 paar scholeksters plus 2 losse exemplaren. Langs de spoorlijn in de Negenviertel  zeker 1 en wellicht 2 roepende Cetti's zangers. Op het eilandje van Kruijt ontbraken visdiefjes waar ze normaal gesproken plegen te broeden. 3 zingende rietzangers langs de Prinsendijk, 2 zingende rietgors en op een andere plek 1 alarmerend vrouwtje. 2 paar holenduif en zwarte kraai 3 nesten. 1 paar fuut, 1 met nest en nog 5 losse exemplaren. Waterhoen 4 exemplaren. Overvliegend 1 havik en 6 roepende regenwulpen noordwaarts.

Opvallend nog steeds geen steltlopers dan wel plevieren op trek die even voedselzoeken op de slikoevertjes. Wel een baltsende kleine plevier op/langs een van de geplagde en kale laagten.

De grutto gaf een vreemd beeld met name in het blok tussen de Put van Kruijt en het fietspad. Van de hier tijdens de 2e telronde op 17 april 2018 11-12 getelde broedparen, waarvan 7 exemplaren broedend  op het nest,  werden nu nog maar 3 broedende grutto's op het nest gezien. Ze konden nog niet uitgekomen zijn. Vier legsels waren verdwenen. Zuidelijk van de Put van Kruijt werden in de Negenviertel 1-2 gruttoparen geteld, en in het blok Stoppelenburg 5-6 paar. Kieviten zijn niet meer geteld want zag al diverse exemplaren met kuikens dus daar was geen goed beeld meer van te maken, en de precieze broedaantallen waren al tijdens de 1e en 2e ronde vastgesteld.


3e telronde 2 mei2018 Ochtendtelling 7.00 – 11.30

Een mooie zonnige ochtend. Deze telling een paar opvallende zaken v.w.b. de vogelontwikkelingen in de polder. Allereerst viel op dat vrijwel alle wakende slobeendwoerden en paren zich ophielden zuidelijk van de Put van Kruijt. Het had w.s. te maken met een tekort aan geschikte broedplekken in het noordelijke deel van Oukoop. Door de werkzaamheden in het najaar van 2017  was er in een groot deel van dit polderdeel nog maar weinig grasgroei op gang was gekomen. Slobeenden maken hun nest graag in hoge graspollen en die ontbraken.
Wat verder opviel was de aanwezigheid van twee jagers die op de zomerganzen zaten. Ze jaagden met  een aantal lokganzen die ze met een soort quad hadden getransporteerd naar de plek waar gejaagd werd. Te merken was dat er veel onrust was onder de broedvogels in een straal rondom het gebied waar gejaagd werd. Er wordt blijkbaar regelmatig gejaagd, net binnen het broedbiotoop waar diverse grutto's nestelden. Of die verstoring door het jagen er de oorzaak van is geweest is niet geheel duidelijk, maar vier grutto's die op 16 april broedend op het nest werden gezien waren op de telronde op 2 mei niet meer aanwezig. Bij controle van twee van die nesten bleek dat de eieren weg waren. Ze konden nog niet zijn uitgekomen.

Verder nog gezien: 1x groenpootruiter, 1x lepelaar, 1x tapuit, diverse regenwulpen roepend overtrekkend richting noord-oost.


4e telronde 11 mei2018 Ochtendtelling 7.00 – 11.10

Een mooie zonnige ochtend met temperaturen van rond de 20 graden. Opvallend veel krakeenden werden geteld waarvan een deel wakende woerden. Maar ook nog flink wat krakeendparen. De meeste kuifeenden werden nog steeds als paren gezien. Zowel krakeend als kuifeend broeden vrij laat in het seizoen en een deel moet w.s. zelfs nog beginnen met nestelen of komen helemaal niet aan broeden toe zo lijkt het. Dat veel grauwe ganzen zijn geprikt blijkt ook uit het forse aantal exemplaren dat in groepsverband zonder kuikens in Oukoop verbleef. Er werden ruim 250 exemplaren geteld met op een plek geconcentreerd nog wel 15 paar met kuikens. Nog steeds is er maar weinig grasgroei op de opgehoogde delen noordelijk van de Put van Kruijt. Het voordeel daarvan was dat de weidevogels ook nu nog goed zichtbaar waren in het broedbiotoop. Noordelijk van de Put van Kruijt was het aantal gruttoparen bijna voor de helft verminderd t.o.v. een vorige telling. Oorzaak daarvan was of onrust door jacht, ofwel door predatie van nesten want bij controle bleken verschillende nesten geen eieren meer te bevatten terwijl er nog geen kuikens konden zijn.
Leuke bijvangsten waren 2x tapuit, 1x groenpootruiter, 1x sperwer, 1x bruine kiekendief (met prooi op weg naar polder Stein waar genesteld wordt) en 1x graspieper (maar zonder duidelijk broedgedrag).


Wakende scholekster op het hek van een perceel van de Hoeve Stein. Op de achtergrond in een geplagde oever het roze van de ingezaaide echte koekoeksbloemen. Foto: 16 mei 2018.


Alarmtelling 16 mei 2018 9.45 – 11.50

De alarmtelling is uitgevoerd via het maken van een 6-tal insteken in percelen vanaf de Oukoopse Dijk gericht op het alarmeren van grutto, tureluur en scholekster. De meeste grutto's en tureluurs hadden kuikens of zaten met het broeden van de eieren in de eindfase. Ze reageerden bij benadering zeer fel, kwamen boven mijn hoofd vliegen zodat een goede inschatting kon worden gemaakt van de aantallen. Verder is ook gebruik gemaakt van vliegende predatoren als zwarte kraai en blauwe reiger waar de weidevogels eveneens fel op reageren.

In Oukoop Negenviertel 2 paar grutto's waarvan een met kuikens en 1 paar scholeksters. Ook 1 alarmerend paartje tureluurs.

In Oukoop (blok Stoppelenburg/Geukes) alarmeerden 4-5 paar grutto's, 3 paar tureluurs en een 1 scholeksters.

In het blok noordelijk van de Put van Kruijt tot aan het fietspad alarmeerden 6-7 paar grutto's, 5-6 paar tureluurs en 3 paar scholeksters. Op deze dag werd er in dit blok weer op ganzen gejaagd waardoor nogal wat verstoring optrad en er geen insteek is gemaakt in de buurt van de jagers.


Alarmtelling 11 juni 2018

Als weidevogelkuikens al wat groter zijn, 3 á 4 weken oud, gaan ze soms met de ouders flink aan de wandel op zoek naar insectenrijk kuikenland. Dat bleek dus ook op de alarmtelling van 11 juni 2018. Op percelen dicht tegen de boerderij van natuurhoeve de Goeij werden 3 paar grutto's, 2 paar tureluurs en 1 paar scholekster met kuiken(s) geteld. Exemplaren die in Oukoop dan wel Stein hebben gebroed en nu te vinden waren op percelen die half mei waren gemaaid of waren beweid. In het blok noordelijk van de Put van Kruijt werden nog 3 paar alarmerende tureluurs, 1 gruttopaar en 2 alarmerende scholeksterparen geteld. Op deze dag ook nog de zang van een  bosrietzanger en grasmus.


Zoekplaatje: Grutto op nest op verhoogd stuk grasland wat nieuw was ingezaaid. Foto: 16 april 2018


Een andere grutto op nest. Foto: 16 april 2018


Weer een andere grutto op nest. Een 4-tal ridderzuringplanten hebben de kop al opgestoken op het opgehoogde perceel wat afgelopen november 2017 is ingezaaid met gras. Foto: 16 april 2018. Op 2 mei 2018 waren de eieren verdwenen. De eieren konden nog niet uitgebroed zijn. Predatie?


Nog een grutto op nest. Foto: 16 april 2018. Op 2 mei 2018 waren de eieren verdwenen. De eieren konden nog niet uitgebroed zijn.
Predatie?


Ook de tureluurs zijn al zeer broedaktief. Op boven- en onderstaande foto's wordt druk gezocht naar een geschikte broedplaats.
Foto's: 16 april Polder Oukoop, Afstand ca. 75-100 mtr. 65x optische digitale zoom.


Plaatstrouw van weidevogels

Weidevogels zijn enorm trouw aan hun broedgebied. Ze broeden zelfs bijna ieder jaar op hetzelfde perceel als het jaar ervoor of in ieder geval vlak in de buurt waar ze het jaar ervoor tot broeden kwamen. Dat is zeker voor de grutto het geval. Dat heeft ringonderzoek aangetoond in de Schaalsmeerpolder in Noord-Holland door H.E. Fabritius rond 1970. Als we dit betrekken op de polder Oukoop dan is ook hier sprake van een sterke broedtrouw binnen een 3-tal deelgebiedjes in Oukoop. Een deelgebiedje zuidelijk van het fietspad, nu SBB land maar eerder in eigendom van agrariër van der Bund is zo'n voorbeeld. Het achterste deel van een breed hooilandperceel van het veldzuringtype vormde in het verleden en ook de laatste jaren nog steeds een belangrijk broedgebied voor grutto's. Jaarlijks broedden er 6-9 grutto's in dit perceel in de periode 2010-2013. Maar grutto's broeden er nu op een enkel paartje na vrijwel niet meer. Deels heeft dit te maken met het opbrengen van grote hoeveelheden slootbagger waardoor de aantrekkelijkheid voor grutto's blijkbaar afnam. Maar er kan ook nog iets anders meespelen in de afname op het hooilandperceel en dat kunnen zijn geschikte terreincondities in de aangrenzende polder Langeweide. Direct oostelijk van het genoemde hooilandperceel liggen in de polder Langeweide verschillende percelen waar Martin, de zoon van Gert van der Hoeven boert. Zij hebben hart voor weidevogels en dat is ook zichtbaar aan de goede weidevogelstand op hun landerijen. De combinatie agrarisch boeren en broedende weidevogels gaat op dit bedrijf prima samen omdat er ook daadwerkelijk rekening wordt gehouden met de aanwezige weidevogels.

De polder Oukoop en Langeweide hebben als ik het vanuit het verleden bekijk een sterke relatie v.w.b. betreft het broeden van weidevogels. Deze twee polders heb ik in de 70er jaren van de vorige eeuw diverse keren op weidevogels gekarteerd ter voorbereiding van de herinrichting Driebruggen. Wat opviel was dat er een soort van mobiliteit was van weidevogels (vooral grutto's) die het ene jaar in Langeweide gingen broeden en in andere jaren weer in Oukoop. Daarbij speelden de terreincondities op het moment dat de weidevogels in het broedbiotoop terugkeerden een belangrijke rol. Terreincondities zoals hoe nat of droog, wel of geen pollerigheid van het grasland, waren er geschikte broedplaatsen en wellicht ook het moment en dichtheid van inscharing met vee. De Enkele Wiericke vormde weliswaar een scheiding tussen de twee broedgebieden maar uiteindelijk keerden de weidevogels voor hun gevoel toch terug in hetzelfde broedbiotoop van het  jaar ervoor. Dat had wel tot gevolg dat de broedvogelaantallen van met name grutto's tussen deze twee polders soms op een opmerkelijke manier konden verschillen.

 

De enorme plaatstrouw van weidevogels heeft wel als nadeel dat als weidevogels definitief  uit een broedgebied zijn verdwenen het heel moeilijk is ze terug te krijgen. En als de terreincondities ongeschikt zijn zal het zeker niet lukken. Zelfs als de terreincondities optimaal worden ingericht is het nog niet zeker dat de (vroegere) weidevogelstand terug zal keren. Er zijn dan immers ook geen juveniele exemplaren meer die weer kunnen terugkeren in het gebied waar ze zijn geboren.



Kievit op nest. Een stok is geplaatst ter markering dat

er een nest ligt. Foto: 16 april 2018.

Stippenkaart die is gemaakt tijdens het uitvoeren van een kartering op 16 april 2018.

Het roze omrasterd gebied betreft een paar agrarische graslanden in de polder Langeweide. Grenzend aan de polder Oukoop waar ook  redelijk wat weidevogels broeden (vooral grutto's) . Op de veldkavels van de agrarische graslanden van het melkveebedrijf Van der Hoeven broeden flinke aantallen weidevogels. Dat is pas sinds drie jaar het geval deelde Gert mij mee. Vroeger had deze boer veel weidevogels op het land maar ze verdwenen langzaam maar zeker. Nu broeden er voor het derde jaar drie jaar weer een flink aantal. Wellicht zitten  daar ook "Oukoop-exemplaren" bij? Gert is een echte weidevogelman die veel voor "zijn"weidevogels overheeft. De combinatie agrarisch en weidevogels gaat hier heel goed samen. Geteld werden 7-8 paar kievit, 6-7 paar grutto, 2-3 paar tureluur, 3 paar scholeksters, 2 paar slobeend en een paar krakeend.


Grutto's in polder Oukoop (deel Negenviertel perceel voormalig Janssen)

Gruttoman staand voor een pol ridderzuring. Foto 14 april 2018. Op de foto hieronder staat zijn vrouwtje.


In het polderdeel  Negenviertel van Oukoop ligt een breed perceel wat vanouds een belangrijk broedgebied vormde voor grutto's. Grutto's broedden hier vroeger min of meer in kolonievorm waarbij 15-20 nesten op dit perceel geen uitzondering vormde. Het perceel werd gebruikt als hooiland en pas half/eind juni gemaaid. Inmiddels is het aantal grutto's wat jaarlijks op dit perceel broedt fors gedaald. Op 14 april 2018 telde ik twee gruttopaartjes die nog druk voedsel liepen te zoeken. Blijkbaar waren ze nog zonder eieren, maar hun gedrag toonde aan dat ze er dicht tegen aan moesten zijn. Er was duidelijk territoriumbinding. Ook op 17 april 2018 waren de twee paartjes aanwezig, evanals op de alarmtelling van 16 mei 2018 toen ik een paar met kleine kuikens zag en een andere grutto viel een overvliegende zwarte kraai aan.


Gruttovrouw voedselzoekend in een vochtige in 2016 geplagde  oever. Grutto's gebruiken de geplagde oevers regelmatig om er naar voedsel te zoeken


Ook 2 paartjes slobeend aanwezig in het polderdeel Negenviertel(Oukoop). De slobeend broedt graag in grasland met een pollerige structuur. Foto: 14 april 2018.


Beheerskwestie: Ridder- en krulzuring in de polder Oukoop in relatie tot weidevogels

 

 

De gebruikte grassoorten voor het inzaaien van de perceeldelen die zijn opgehoogd met afgegraven grond.  

In de agrarische wereld worden de zuringsoorten ridder- en krulzuring (plaatselijke naam hardijzers) gezien als ongewenste graslandplanten. De bestrijding er van gebeurt meestal met chemische middelen. Het gebruik van chemische middelen in de  biologische landbouw is niet toegestaan, en geldt naar ik aanneem dus ook voor natuurhoeve de Goeij. Er zijn diverse percelen (o.a. in het blok Stoppelenburg en noordelijk tegen het fietspad) waar flink wat hardijzers groeien en de constatering is dat genoemde zuringsoort(en) zich de laatste jaren hebben uitgebreid. Het lijkt er ook op dat hardijzers geprofiteerd hebben van het plaggen van oevers waarbij de vrijgekomen grond is verspreid over het bestaande grasland. Ridder- en krulzuring hebben oliehoudende zaden die lang kiemkrachtig blijven en blijkbaar geprofiteerd hebben toen de vrijgekomen oevergrond over de percelen is verspreid. De kans bestaat dat dit ook zal gaan gebeuren op de percelen waar  nieuwe laagten zijn gegraven en de vrijgekomen grond op het bestaande grasland is opgebracht. Weliswaar is de verse grond van het  opgehoogde grasland  ingezaaid met een landbouwkundig grasmengsel, maar de sterke zaden zullen wellicht toch kunnen ontkiemen. Tijdens de weidevogelkartering midden april 2018 zag ik al fors wat kiemplanten verschijnen.


Wat wel een knelpunt kan worden voor het beheer in Oukoop is de relatie weidevogels en het voorkomen van hardijzers. Een goede weidevogelpopulatie floreert het meest bij een vrij late maaidatum waardoor de kans op vliegvlug worden van de kuikens het grootst is. Voor reservaatsgronden is de maaidatum via hooilandbeheer bepaald op 15 juni of zo nodig als de weidevogels laat beginnen met broeden nog iets later. Zo'n late maaidatum kan wel problemen geven in die zin dat voor ridder- en krulzuring de bloeitijd is gepasseerd en er al zaden zijn gezet waardoor de kans groot is dat hardijzers alleen maar zullen toenemen. Wat eerder maaien op percelen waar zich geen weidevogelkuikens meer bevinden is een optie, maar dit dient wel zeer zorgvuldig te gebeuren. Er dient immers voldoende geschikt kuikenland over blijven waar de weidevogels met hun kuikens terecht kunnen. Desondanks blijft het gewenst om voor  percelen waar de hoogste concentratie weidevogels voorkomt de maaidatum op minimaal 15 juni te houden.


Kievitvrouwtje broedend op het nest tussen de ridderzuring (hardijzers). Foto: 14 april 2018


Ganzen en weidevogels

Zijn de vele winter- en zomerganzen (mede) de oorzaak van de afname  van weidevogels? Eerlijk gezegd moet ik voor de reservaten rond Reeuwijk het antwoord schuldig blijven. Wat ik wel constateer is dat er aan het begin van de broedtijd van weidevogels, zodat b.v. dit voorjaar, nog steeds erg veel ganzen aanwezig waren in de polders Stein, Lang Roggebroek en Oukoop. Vooral brandganzen en (zomer)grauwe ganzen. Half april telde ik  grofweg meer dan 1000 brandganzen in de polder Stein. Het ging vrijwel zeker om zomerbrandganzen waarvan een flink deel daar (tussen de fluitenkruid en moerasvegetatie langs oevers) zal gaan nestelen. 

Door het grazen van de 5000-7500 kol- en brandganzen,  de gehele winterperiode, waren veel percelen behoorlijk gemilimeterd. Op zich hoeven kale percelen geen probleem te zijn voor weidevogels om te broeden, als er maar hier daar wat kleine polletjes blijven staan waar de weidevogels gebruik van kunnen maken. In hoeverre de aanwezig van grote aantallen ganzen een negatieve invloed heeft blijft onzeker. Landelijk zijn er wel meldingen dat door de aanwezigheid van grote aantallen ganzen de weidevogels zijn afgenomen, maar voor het Reeuwijkse heb ik tot op heden geen relatie kunnen vinden tussen de aanwezigheid van grote aantallen ganzen en een eventuele  afname van weidevogels.


Kievit op nest met een grazende (zomer)grauwe gans op zeer korte afstand. Toch is er geen agressie van weerszijden. De kievit broedt rustig door. Foto: 16 april 2018. Afstand ca. 75 meter. Digitale camera op 65x optische zoom.