Aalscholvers (schollevaars) op en rond de Reeuwijkse Plassen

De aalscholver, in de Reeuwijkse jagerswereld schollevaar of palingdief genoemd, floreert (weer) in Nederland. En dat is ook goed merkbaar op en rond de Reeuwijkse Plassen. Soms jagend op de plassen en soms zitten ze als groep te rusten in bomen of ergens in graslanden ver weg van de bewoonde wereld. Aalscholvers worden op en rond de Reeuwijkse Plassen in toenemende aantallen waargenomen. Dit tot verdriet van jagers en (brood)vissers die de aalscholver als een geduchte concurrent zien, en klagen dat zo’n beetje alle paling en andere consumptievis door de aalscholvers worden weggevreten.  



Er broeden momenteel  in het Reeuwijkse Plassengebied zelf geen aalscholvers. Rond 1990 is er wel eens een poging tot nestelen gedaan maar de twee nesten werden direct verstoord. Ook de kleine broedkolonie in het Reeuwijkse Hout (maximum van 17 nesten) heeft het maar een paar jaar volgehouden. De nesten zijn verwijderd vanwege de hoge bemestingsgraad door de aalscholvers.
Broedkolonies komen wel voor in de directe omgeving. In het Weegje bij Waddinxveen broeden ze in de reigerkolonie en in de Kattendijkspolder bij Gouderak is ook nog een broedkolonie. Hier broeden ze eveneens samen met blauwe reigers.


Aalscholvers foerageren op alle Reeuwijkse Plassen waarbij vooral de plassen Broekvelden, Ravensberg en s’-Gravenkoop favoriet zijn. Het foerageren gebeurt soms sociaal waarbij in groepsverband op vis wordt gejaagd. Het ene moment is er dan nauwelijks een aalscholver boven water te zien. En dan plotsklaps verschijnen er van het ene op andere moment 10-tallen exemplaren boven de waterlijn. De grootste groep sociaal foeragerende aalscholvers tot nu toe werd waargenomen op 28 augustus 2005 op de plas Broekvelden n.l. 260 stuks.






Aalscholvers zie je tegenwoordig hun “werkgebied” steeds meer verleggen. Ze jagen ook op vis in boerensloten in graslandpolders. Zelfs in hele smalle slootjes en in de stadsgrachten van de stad Gouda.

Ze rusten graag in bomen waar ze zich veilig voelen.Tot voor kort was dit (foto links)  een favoriete rustplek in elzenbomen in de polder Sluipwijk. Die bomen zijn er niet meer. Nu is een moerasbosje op de plas Ravensberg een favoriete rustplaats.


6 september 2008  Aalscholvers op de Surfplas in Reeuwijk

Op de Reeuwijkse Plassen en vooral op de Plas Broekvelden verblijft al maanden lang een flink aantal aalscholvers. Het gaat om een groep die in aantal varieert  tussen de 100 en 150 exemplaren. Als ze niet aan het vissen zijn zitten ze op de paaltjes (van de inmiddels weggespoelde eilandjes) hun veren te drogen. Het vissen doen ze in groepsverband, opvallend genoeg gebeurt dat meestal in de ochtenduren. Aalscholvers zijn zeer efficiënt in het vangen van vis. Gegroepeerd duiken ze onder en jagen de vis op waarbij de aalscholvers samen werken. De (menselijke) vissers zien dat met lede ogen aan, want aalscholvers zijn meesters in het vangen van vis w.o. aal. Heb ze al heel wat palingen naar binnen zien werken op de Surfplas. Toen aalscholvers rond 1990 een poging deden om te gaan broeden in het Reeuwijkse Plassengebied (polder Sluipwijk) werd dat door de mens niet geaccepteerd. De nesten werden al snel vernield.

Inmiddels broedt de laatste jaren in het Reeuwijkse Plassengebied een kleine kolonie aalscholvers. In 2009 ging het om 9 nesten langs een veenput in het Reeuwijkse Hout. Ze broeden samen met een klein aantal blauwe reigers. Inmiddels is deze kolonie verwijderd door de Groenservice Zuid-Holland vanwege de overvloedige mest die in de veenput terecht kwam.


Een grote groep aalscholvers heeft op de Plas Broekvelden als rustplaats uitgekozen een palenrij. De palen staan 
als een soort monument op de plek waar een paar jaar geleden nog een kunstmatig eiland lag dat was gemaakt van 
kunststofzakken gevuld met bagger.


Na het jagen op vis wat aalscholvers als groep doen moeten de vleugels gedroogd worden. Ze staan dan met hun vleugels 
open en wapperen ermee om ze wat sneller droog te krijgen.


Aalscholvers en een grote mantelmeeuw gebroederlijk naast elkaar.


Aalscholver 1e jaars exemplaar. Aan de hals is goed te zien dat het verenkleed door en door nat is geworden 
tijdens het vissen wat ze onder water doen.


Vliegende aalscholvers


Deze aalscholver had een forse vis gevangen, duidelijk zichtbaar aan de dikke hals. Ze moeten wel een hele sterke 
slokdarm hebben. Een klein stukje van de staart van de vis is nog zichtbaar net buiten de snavel.


9 Oktober  2010   Aalscholvers op de surfplas in Reeuwijk.

Al vanaf de zomer verblijft op plas Broekvelden een opvallend grote groep aalscholvers. Ze jagen regelmatig als groep op vis. Wat opvalt is dat het jagen meestal in de ochtenduren gebeurd. Op onderstaande foto's is een deel van de groep aalscholvers te zien welke uit ongeveer 120 exemplaren bestond die op 16 juli 2010 op vis aan het jagen was. Op 1 augustus 2010 zag ik een nog grotere groep op vis jagende aalscholvers op de surfplas.. Die groep bestond uit maar liefst 200 exemplaren. De aalscholvers zijn ook nu nog steeds op de surfplas aanwezig. Het afgelopen weekend telde ik ongeveer 150 stuks zittend op paaltjes.


Jagende aalscholvers op Plas Broekvelden


Wat een prachtig gezicht om de groep sociaal jagende aalscholvers aan het werk te zien. Verschillende keren  heb ik groepen jagende aalscholvers op de surfplas geobserveerd. Het is een grote schranspartij dat kan ik U verzekeren. De op de surfplas verblijvende aalscholvers vissen in groepen. Dat doen ze vooral op plekken waar het water aan de troebele kant is. Aalscholvers zijn oogjagers en moeten hun prooi kunnen zien. Plas Broekvelden is een voormalige zandwinplas en vanwege de enorme diepte (in het midden van de plas staat wel 30 meter water)  zwemt een aantal aalscholvers naar grote diepe waar het water wat troebeler is. Zij jagen de daar aanwezige vis naar de ondiepere delen waar het water helderder is. De daar zwemmende aalscholvers pakken de vis met hun trefzekere snavels. Soms nog in combinatie met een pluk waterplanten waar dan een visje tussen zit. Vooral kleine vis wordt gevangen met af een toe een wat groter exemplaar. Ook paling behoort tot de maaltijd. Met een uur jagen hebben ze hun buik gevuld. 

Bij het zwemmen worden de veren van aalscholvers drijfnat, dit in tegenstelling tot de meeste watervogels. Maar het zijn alleen de buitenste veren die nat worden. Ze houden dus  nog steeds een isolerend laagje. Het natte verenpak vermindert wel het drijfvermogen en dit is in het voordeel bij de jacht onder water op vis. Het beendergestel van aalscholvers is met weinig lucht gevuld. Daardoor liggen ze bij het zwemmen diep in het water.


Na de jacht wordt uitgebuikt en veren gedroogd op paaltjes langs de Kooidijk.


Poetsen en de veren laten drogen.


Aalscholver in bruiloftskleed. Met witte broedvlek.

Rustend exemplaar, tijdens de karakteristieke drooghouding, met gespreide vleugels.      


Paartje aalscholvers op het nest in de broedkolonie in het Reeuwijkse Hout. 
De broedkolonie is inmiddels (voorjaar 2010) gegroeid naar 17 bewoonde nesten (informatie: Hans van Gasteren).


Aalscholvers zoeken hun voedsel niet alleen op de Reeuwijkse Plassen zelf, ze struinen ook steeds meer poldersloten af. 
Zelfs smalle slootje tussen de huizen worden bezocht om er te vissen. Ze leggen hun natuurlijke schuwheid steeds verder af. 
Dit komt omdat er niet meer op ze gejaagd wordt.

Een volwassen aalscholver in bruiloftskleed is op zoek naar vis  in een wak.


Aalscholver op zoek naar vis. Maar de verschillende onderwater acties waren tevergeefs. Er werd zelfs geen klein visje gevangen.


Aalscholvers kunnen tijdens het zwemmen hun eigen diepgang regelen. Soms torenen ze hoog boven het water uit als een eend, maar ook is het mogelijk dat u alleen de kop van een aalscholver boven het water uit ziet steken. Alleen futen kunnen dat ook. Jonge  futen maken daar dankbaar gebruik om op de rug van moeder te klimmen en zich tussen haar vleugels te nestelen. Onder water 'vliegen' futen door met hun sterke vleugels 'vliegbewegingen' te maken en hun poten ook als roer te gebruiken.