Bermbeheer en het klepelen er van

Bermen vol met koolzaad en fluitenkruid

Veel bermen langs wegen zijn momenteel geel-wit gekleurd door de massale groei van koolzaad en fluitenkruid. Dit kleurige beeld vormt een nogal grote tegenstelling met de agrarische graslanden die vrijwel bloemloos zijn waarin de kleur groen dominant is. Een aantal van die graslanden is inmiddels al voor de 1e keer gemaaid  tussen 20-30 april 2019,  hetgeen extreem vroeg genoemd mag worden.

Het massale karakter van koolzaad en fluitenkruid heeft een paar oorzaken. Het maaibeheer van bermen, schouwpaden en terreindelen die agrarisch niet interessant zijn wordt vooral uitgevoerd via klepelbeheer, waarbij het maaisel met een slagmaaier fijn wordt geslagen en niet wordt afgevoerd. Als het droog en zonnig weer is rijpen de gemaaide halfrijpe zaden van het maaisel alsnog af zodat het gerijpte zaad als kiemplanten toch op de bodem terecht komt. De bermen waar het gewas na maaien wel wordt afgevoerd worden meestal vrij laat gemaaid zodat de zaden al zijn afgerijpt en grotendeels al zijn gevallen. Wat opvalt is dat er jaren zijn met vrij weinig groei van koolzaad en fluitenkruid afgewisseld met jaren (zoals dit voorjaar) met een massale groei. Vermoedelijk heeft dit ook te maken met de weersomstandigheden. Bij koud en nat weer rijpen de via klepelbeheer gemaaide halfrijpe zaden niet of onvoldoende af hetgeen van invloed is op de groei in het volgende voorjaar. Maar wellicht spelen ook andere omstandigheden een rol zoals het wel of niet  ontbreken van vorst in de winter, en wel of geen bodembeschadiging veroorzaakt door de grofwijzige wijze van  klepelbeheer.